Box 2
In het voorstel blijven de tarieven 24,5% en 31%. De grens tussen die schijven gaat van € 68.843 in 2026 naar € 69.607 in 2027. Dat is een inflatiecorrectie, geen tariefwijziging.
Een fiscale partner kan inkomen in box 2 onder voorwaarden verdelen, zodat je de eerste schijf twee keer kunt gebruiken. Die verdeling zit niet in de rekentool box 2 belasting berekenen.
Vennootschapsbelasting
De tarieven blijven in het voorstel 19% tot € 200.000 en 25,8% daarboven. De schijfgrens wordt niet geïndexeerd. Stijgt je winst mee met de prijzen, dan valt een groter deel in 25,8%.
Wat na VPB overblijft, is nog van de BV. Wat er privé van overblijft, reken je apart. Zie vennootschapsbelasting berekenen.
Gebruikelijk loon en box 1
Een nieuw normbedrag voor het gebruikelijk loon in 2027 stond niet in de stukken die we voor dit artikel hebben gebruikt. Voor 2026 blijft de norm € 58.000, tenzij een vergelijkbare functie of je bestbetaalde werknemer hoger uitkomt. Je kunt dat naast elkaar zetten bij gebruikelijk loon berekenen.
Voor box 1 lag er een koopkrachtvoorstel: de eerste en tweede schijf 0,06 procentpunt omlaag, naast de gewone indexatie. Dat voorstel is nog in gesprek met de Kamer. Daarom staat hier nog geen vast tarief.
Wat we bewust niet invullen
De Zvw-bijdrage voor 2027 en het definitieve box 3-forfait voor spaargeld over 2026 worden later vastgesteld. Die getallen verzinnen we niet.
Zodra de wet is aangenomen, werken we de jaarcijfers in de tools bij. Dit artikel houdt bij wat er op Prinsjesdag 2026 is voorgesteld, en wat toen nog openstond.