Wat er echt verandert
In box 3 betaal je elk jaar belasting over een verondersteld rendement, ook als je minder maakt. In de BV betaal je vennootschapsbelasting over de winst die er is. Haal je die later naar privé, dan komt daar box 2 overheen, maar alleen over de winst. Wat je zelf hebt gestort, kun je er zonder box 2 weer uithalen.
Het voordeel is vooral uitstel. De box 2-heffing verdwijnt niet. Die schuift op tot het moment dat je uitkeert.
Spaar-BV of beleggings-BV
Een spaar-BV is een gewone BV waarin je spaargeld aanhoudt. Een beleggings-BV is dezelfde BV, maar dan met beleggingen. De belasting werkt hetzelfde. Het verschil zit in het rendement.
Voor spaargeld is het forfait in box 3 laag: in 2026 voorlopig 1,28%. Dat ligt dicht bij de spaarrente, en de kosten van een BV halen een voordeel dan snel weg. Bij beleggingen is het forfait 6%. Laat je het geld in de BV staan, dan is de BV bij een lager rendement dan dat forfait vaker voordeliger, ook met de tegenbewijsregeling aan. Zonder tegenbewijs betaal je privé over 6%, en wordt het verschil groter.
Tegenbewijsregeling
Is je werkelijke rendement lager dan het forfait, dan mag je in box 3 over dat lagere rendement afrekenen. Dat is de tegenbewijsregeling. De tool zet die standaard aan. Het voorbeeld gaat uit van 4% rendement, en dat ligt onder het beleggingsforfait van 6%. Zet je hem uit, dan zie je wat het forfait kost als je geen tegenbewijs levert.
Het heffingsvrije vermogen is in 2026 € 59.357 per persoon. Dat zit in het forfait. Bij tegenbewijs rekenen we het werkelijke rendement over het hele bedrag, zonder die vrijstelling. Een fiscale partner verdubbelt de vrijstelling en de eerste box 2-schijf.
Met de tegenbewijsregeling aan betaal je in box 3 al over je echte rendement, als dat lager is dan het forfait. De vergelijking laat het geld in de BV staan. Box 2 zit daar niet in. Onder de tabel zie je wat box 2 kost als je de winst toch uitkeert.
Kosten van een BV
Oprichten kost eenmalig geld. Elk jaar betaal je voor de administratie en de aangifte. Die kosten zijn in de BV aftrekbaar: ze verlagen de winst waarover vennootschapsbelasting wordt berekend.
Standaard rekenen we met € 1.000 oprichting en € 750 per jaar. Pas dat aan als je een offerte hebt.
Wet werkelijk rendement
De Tweede Kamer nam op 12 februari 2026 de Wet werkelijk rendement box 3 aan. De Eerste Kamer heeft de stemming aangehouden. Op Prinsjesdag 2026 kwam de aangekondigde aanpassing er niet. Verdere behandeling schuift door naar voorjaar 2027. Invoering per 2028 is daardoor onzeker.
Tot die tijd blijft het forfait gelden, met de tegenbewijsregeling. Deze som gebruikt de cijfers van 2026.
Wat we niet meenemen
Geen schulden, geen groene beleggingen en geen verliesverrekening in de BV. Ook geen eigen bijdrage voor de zorg, geen overlijden en geen verhuizing naar het buitenland.
De vergelijking laat het geld aan het eind in de BV staan. Onder de tabel zie je wat er overblijft als je toch alles in één keer uitkeert.